Handen als symbool

"Wat weet jij nog van het moment dat je voor de eerste keer als predikant aan een gemeente werd verbonden? Welke rol speelde de handoplegging daarbij?"

Zo opende de voorzitter van de predikantenbond de eerste vergadering waar ik als nieuw bestuurslid bij was. Ik moest diep graven, het is inmiddels wel een hele tijd geleden. Over de handoplegging weet ik niet zo veel meer. Wel kan ik me de emotie herinneren, omdat dominee Joop Bezemer zich hiervoor had vrijgemaakt. Graag kwam hij uit Amsterdam waar hij mijn wijkpredikant was naar Friesland voor deze feestelijke gebeurtenis.

Het gesprek daarna ging over de ervaringen van de andere collega's. Er zit één rode draad in: allemaal hebben we in deze zegening iets ervaren van Gods aanwezigheid, en van de verbondenheid met de wereldwijde kerk van Christus. Een verbondenheid die ik ook ervaren heb toen een vriend van ons tot Rooms-Katholiek priester werd gewijd in de Haarlemse Sint Bavo.
Goed, hij had mij gevraagd om foto's te maken van deze wijding, zodat ik een andere rol had. Maar het feit dat een aantal aanwezige andere priesters deelnam aan de ceremonie was er een zichtbaar (en fotografeerbaar) teken van dat het in een dergelijke wijding niet alleen maar gaat om de persoonlijke banden die de wijder en de gewijde mogen hebben.
De wereldwijde kerk van Christus heeft ermee te maken. Wat dat aangaat is het trouwens precies eender bij de bevestiging van andere ambtsdragers. In de protestantse kerk kennen we immers ook nog de ouderling en de diaken als een vrijwilligerstaak. We mogen het ambt aan elkaar doorgeven.

Maar we hebben natuurlijk niet zoiets als het ambt in ons koffertje bij ons. Bij elke bevestiging kunnen de handen worden opgelegd - en dat is dat. En bij elke bevestiging is de liturgische kleur rood.
Aan kleuters, op bezoek in onze vernieuwde kerk, heb ik vorige week uitgelegd dat rood de kleur van de liefde is en dat ik bij een trouwerij vaak rood gebruik.
Maar de eigenlijke betekenis van de rode kleur is de kleur van het Pinkstervuur. De handen die worden opgelegd geven een taak door, een ambt. Maar bij elke taak worden ook de gaven van Heilige Geest doorgegeven. Je hoeft het niet alleen te doen. Gods kracht draagt je daarin. De handen doen niets anders dan dat ze zichtbaar maken dat God geen mens in de steek laat.

De wereldwijde kerk is aanwezig wanneer mensen worden gewijd tot een taak binnen een klein stukje van die kerk. Maar bovenal is Gods Geest aanwezig, wanneer mensen een taak op zich nemen.

Het feest van Gods Geest vieren we volgende week. De geboorte van de kerk, zo wordt dat feest wel genoemd. En daarin vieren we, - en we mogen dat uitbundig vieren - dat Jezus zijn leerlingen, zijn volgelingen, zijn kerk, niet als wezen heeft achtergelaten. We vieren dat God nog net zo aanwezig is in onze wereld als tijdens de schepping, als tijdens de geschiedenis van Israël en als in de dagen dat Jezus op aarde rondliep.
We zijn niet alleen. God is altijd bij ons. Wat een Pinksterfeest!

Ds. Robert Wilschut