Natuurschoon

" Met z'n drieën gaan we in een nabij gelegen natuurgebied een grote wandeling maken."

Mevrouw Versterk*, bewoner op een gesloten verpleeghuis afdeling, is helemaal in haar nopjes. Ze is gek op een wandeling in een groene omgeving.
Als een prinses zit ze in haar rolstoel. Ze straalt helemaal.

De vele knotwilgen, het hoge riet, het smalle pad langs de getijdenkreken en de bijzondere bloemen maken haar tot een spraakwaterval. Ze zegt: "Wij kunnen de Schepping nooit natekenen, zo mooi is het. Hoeveel penselen heeft God wel niet? Die kleuren zijn niet als kleurplaten te koop!"
Ze wijst vervolgens met haar hand naar een vreemd gevormde knotwilg die helemaal hol is geworden en waar varens in groeien. Mevrouw Versterk zegt daarbij: "Geen één boom is hetzelfde, net als geen mens hetzelfde is. De Schepping blijft en is zo mooi,
alleen de mens moet er van af blijven. Wij verknallen het."

Deze vrouw met gevorderde dementie vertelt ons aan de hand van de Schepping hoe ze
naar God, de Schepping en de mens kijkt. 'Wat een wijsheid!' denk ik bij mijzelf.

"Kijk, dit is een Reuze Balsemien. Oh, even strelen hoor. Wat is dat mooi. Ach, het maakt niet uit wat voor naam het heeft. Het is gewoon erg mooi!" zegt mevrouw Versterk.
We lopen over een bruggetje. In de kreek zwemmen een paar eenden. "Dieren weten wanneer iets niet pluis is. Wij mensen kunnen dat ook voelen. Precies hetzelfde. Alleen wij verwaarlozen het." zegt mevrouw Versterk. Ik krijg amper de tijd om maar iets te zeggen, want de oude dame van 96 gaat alweer door: "Die eenden moeten ook oppassen hoor. Dan kruipen ze weg en houden ze zich muisstil tot het gevaar voorbij is. Dat moeten wij ook doen als er gevaar is." Zwijgend kijken we een poos naar de eenden in het water. Ik probeer de woorden van mevrouw Versterk tot mij te laten doordringen.

"Ik ben zo gelukkig buiten. Als ik thuis ben ga ik er heerlijk aan denken. Dan ben ik weer gelukkig. Ik ga ervan dromen. Mag ik kinderen tegen jullie zeggen? Want we horen toch bij dezelfde Vader?" zegt mevrouw Versterk met een stralend gezicht.

We lopen langzaam weer terug naar de uitgang van het natuurgebied. Het zweet loopt langs mijn rug. Het is het allemaal waard. Ik voel mij rijk gezegend met deze prachtige vrouw vol levenswijsheid.

Samen eten we nog een ijsje. "Wat een heerlijk ijsje is dit. Alleen nu ben je wel door je zakgeld heen!" zegt de oude dame met een grote glimlach. Ze gaat verder: "Hoe kan ik je bedanken. Alleen maar bedankt zeggen is ook zo goedkoop."

Wat een mooi mens ben je, denk ik bij mijzelf.

Ds. Egbert Bos, geestelijk verzorger Siloam
* Fictieve naam