Valse luwte

Het zal weinigen ontgaan zijn dat uw dominee graag fietst. En zelfs op mijn gewone stadsfiets ga ik wel iets harder dan de gemiddelde fietser. Mijn fietsbellen verslijten dan ook meestal erg snel. Af en toe krijg ik het ook te horen: had je haast of zo, ik zwaaide nog naar je maar je racete zo voorbij.
Niet om op te scheppen maar naar waarheid moet ik bekennen dat ik wel eens wat haastig ben. Nou ja, ik weet dat ik op mijn gemakje in 8 minuten van de Antwoordkerk naar de Dorpskerk fiets. Moet ik daar nou moeilijk over doen?
Om een beetje in vorm te blijven stap ik zo dikwijls het maar lukt ook op een racefiets. Ho, nu moet ik ook weer eerlijk zijn: een fiets als de mijne noem je geen racefiets. Ik heb er spatborden op. Die kan ik heel eenvoudig eraf halen hebben ze gezegd toen ik hem kocht, en dan is het weer een echte racefiets, hoor. Maar dat doe ik niet, want ik heb er geen zin in om bij het minste of geringste regenbuitje ook nog eens van achteren helemaal nat en modderig te worden. Dan maar een kilometertje minder snel. Trouwens, ik fiets om de conditie op te vijzelen dus het is niet erg als het wat zwaarder gaat. En ik houd ze als ik wil toch wel aardig bij, die snelle jongens.
Soms fiets ik via Spijkenisse, Geervliet en Heenvliet door de Bernisse en dan weer terug, waarbij ik soms nog een dochter tegenkom die onderweg is naar school. Maar liever nog ga ik langs de Oude Maas naar Barendrecht en dan terug. Niet om mijn dochters, maar om de vele stoplichten te ontlopen op die andere route. Vijfentwintig, dertig kilometer: een uurtje werk.
De klad heeft er even ingezeten omdat mijn oude fiets onbruikbaar raakte. Liever had ik die fiets gehouden, maar daar moest ik zoveel aan uitgeven, dat ik toch maar via internet in Poortugaal een knap tweedhandsje heb gekocht. Leuk afgepingeld, en opnieuw beginnen.
Daar ging ik dan. Mens, er zat geen beweging in die zonnige ochtend. Had ik de wind tegen? Toen ik opstapte was het bladstil. Ik ging niet omhoog, tenminste, dat was al die andere keren ook niet zo. Ik wilde naar Barendrecht en dan over Charlois weer terug, maar langs de Maas zat er geen vaart in. Mankeerde er iets aan mijn nieuwe fiets? Het proefritje ging toch lekker! Wat was er toch aan de hand? Ik zette het verstand maar even op nul. Gewoon doorzetten, ik kom wel eens vaker een beetje langzaam op gang. Hmmm. Een toevallig voorbijganger zou het niet zien, maar mijn tong hing op mijn schoenen. 'Je zult wel pap in je benen hebben, makker' zo sprak de inwendige stem. 'Te lang niet echt gefietst, gewoon geen conditie' plaagde hij verder. Haast wanhopig keek ik eens omhoog naar de bomen, er moest vast wel wind staan. Maar niets verried dat ik gelijk had. Geen schaduw op het fietspad bewoog, geen blaadje liet zich beroeren door wind.
Zo tobde ik voort. Tot eindelijk, bij de Heinenoordtunnel, ik goed zicht had op het water van de Oude Maas. En er was wèl wind. Nu niet meer verborgen was mijn plaaggeest te zien in de golfjes. Ik had hem toch tegen gehad. Nauwelijks merkbaar, niet veel wind, maar genoeg om die vijf kilometer weerstand te geven waardoor ik niet op gang kwam.

Zo verloopt het wel eens met kerkenwerk. Als er echt grote tegenslagen zijn dan weet je het wel en dan houd je daar rekening mee. Als er sprake is van een zieke collega of een zieke voorzitter, dan heeft dat gevolgen en die neemt de kerkenraad bewust op zich, wetend dat nu niet alles kan. Maar als alles goed op de rails staat en er ligt niets in de weg, dan reken je er op dat het kerkenwerk van een leien dakje gaat. En waarom ook niet? Alle neuzen dezelfde kant op, alle inzet voor hetzelfde, dan mag je verwachten dat alles soepel verloopt en dat kerkenwerk als het ware samenvalt met je geloof: het is een bron van inspiratie en een bron van rust.
En toch spreekt het niet vanzelf. Er kan van alles en nog wat storen. Een afspraak die niet correct is afgehandeld, en mensen blijven met een vervelend gevoel zitten. Een verschil van inzicht waar je niet goed over communiceert en het vertrouwen zou wel eens verstoord kunnen zijn. Gewoon, stomme fouten die we allemaal wel eens maken in de omgang met elkaar zonder dat die worden rechtgezet, en je kijkt elkaar niet meer helemaal recht aan. Voor even, of voor altijd.

Eerst merk je het niet. Het fietst alleen een beetje zwaar. Nou nou, de blaadjes hangen toch stil. Wat is er aan de hand? Maar m'n tong hangt al weer op m'n schoenen, ook al ziet niet elke voorbijganger het.

Maar soms heb ik ook gewoon pap in mijn benen, hoor.

ds Robert Wilschut

 

Terug

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Copyright voor de hele site: internetwerkgroep Protestantse Gemeente Hoogvliet. Bij foto's staat -indien bekend- wie de maker of copyrighthouder is. Voor de inhoud van sites waarnaar verwezen wordt (door links of anderszins) kunnen wij uiteraard geen verantwoordelijkheid nemen. Mocht U op deze site materiaal aantreffen waarvan U het copyright heeft, wilt U zich dan in verbinding stellen met de webbeheerder