De 32e fietstocht

fotoverslag

De 32e fietstocht, dat is bijna de helft van mijn levensjaren. Nog net een kleine viertal weken voor de pensioengerechtigde leeftijd, reed ik ’m met groot genoegen. Waarheen leidt de weg… zong Mieke Telkamp ooit en dat is ook van toepassing op de tocht van 2 juni 2011. Persoonlijk ken ik West IJsselmonde net zo goed als de lege bodem van mijn spaarpot en is het na zoveel jaren vooral de gezelligheid van de groep(en) en de manier waarop de puzzeltocht is vastgelegd die hernieuwd plezier blijven geven. Met meer dan 50 fietsers en fietsertjes maakten we de opgelegde route onveilig. Het humeur van onze ‘pedalerende’ medelandgenoten werd extra opgevijzeld , door af en toe spontaan frank en vrij midden op de rijwielpaden de vragen te beantwoorden. Dit jaar vormden we groep 2 met pink ribbons ter onderscheid van de andere groepen rond het stuur. In ons midden hadden wij het geheime wapen en door ieder begeerd: Ruud. We hadden de taartvorkjes alvast in onze rugzakken gestoken en onze gedachten werden opgemonterd bij het vooruitzicht aan de meet de felbegeerde beloning met glinsterende oogjes te verorberen. De dag kon al niet stuk voordat hij begon. Hadden we vooruit het bedroevende eindresultaat geweten dan hadden we voor Tussenwater al beschaamd de wielen richting Aanbouw gedraaid. Reeds daar gingen we afschuwelijk de mist in. Hoeveel pilaren (steunen van de Metrobaan) staan er in het water? Met de ‘helft maal twee’ hadden we beter gescoord! Maar ach we waren op dat moment nog slachtoffer van onze betweterigheid en meenden door het terugfietsen van enige fanatiekelingen het antwoord veilig te stellen. “Allee”, toen verder langs de secundaire weg naast de metrobaan links het schapenpad op met links uitzicht op de gevangenis aan de Koddeweg en rechts het Slot Valckesteynbos met daarvoor de grazige weiden met paarden en Canadese ganzen. De laatste creaturen staken achteloos even een vlerk naar me op omdat ik minstens een aantal malen per week de koppels en hun jongen passeer, nog maar te zwijgen van de fazanten, de scholeksters en de groene specht. En allemaal in een straal van een kilometer buiten Hoogvliet! Via de Varleweg kwamen we op de Slotsedijk en reden we naar de Kerklaan. Onderweg waren we nog getuige van een scholekster met jonkies tussen het gemaaide gras. Dat zie je ook niet elke dag. Via de Kerklaan kwamen we zeer kortstondig op de Graaf Bentincklaan om vervolgens via de Molendijk op de Stationsstraat terecht te komen waar onze blik gevangen werd door een blikvanger. Een klein stukje Rivierweg, Achterdijk en het fietspad achter langs de Wegenwacht voerden naar de oversteekplaats bij hotel Bastion waar verkeersleidster Herma ons heftig gebarend weghield van Mc Donald en ons naar de Driemanssteeweg verwees. Via een fietspad linksaf met héééél veel boompjes kwamen we op de door Gerard Cox bezongen Charloisse Lagedijk uit. Als geboren, maar niet getogen Charloisser vermant men zich dan heldhaftig en bedwingt men spontaan de opwellende tranen met een onverstaanbaar gemompel over hooikoorts en die snertpollen…. Goed, na deze nostalgische zwakheid begaf het roze groepje zich thans via deze dijk naar het kleine maar o zo dappere Smitshoek langs allemaal pompstations met discutabele namen. Via huize de Leeuwenburgh aan de Heulweg raceten we naar de lunchlocatie ’t Schaapje om onder het genot van een kopje koffie en/of limonade onze meegebrachte kuch te nuttigen om vervolgens de drank via de geijkte kanalen eveneens bij ’t arme Schaap achter te laten.

Op het terras werden we overvallen door een vraag op universitair niveau. Een tekening van een wel heel naakt en mager mens werd ons voorgelegd met een heleboel nummertjes en terzijde enige Latijnse namen. Mmmm, was hier sprake van een bevoordeling van medefietsers die ooit Atheneum volgden? Uiteraard waren we slim genoeg om in ‘os frontale’ het voorhoofdsbeen te ontdekken en was ‘os nasale’ het neusbeen ook redelijk herleidbaar om nog maar te zwijgen over ‘os sacrum’, het heiligbeen. Fluitje voor de slimmeriken.
Wat betreft de bedenk(st)er van deze vraag zullen we maar zeggen: Abundat dulcibus vitiis.

In elk geval grepen we weer onze trouwe tweewielers na een streng : “Hora est!’ Rechts naast ’t Schaapje spoedden we ons naar de Portlandse Baan en zwenkten die op richting Barendrecht-Carnisselande. We passeerden de meest mooie edelstenen om uiteindelijk te belanden bij het eindpunt van tramlijn 25. Daar was een prachtig uitzicht op de mooie waterpartij van de Gaatkensplas met op de achtergrond de hoogste ‘berg’ van Midden-IJsselmonde. Niemand van de groep dorst ook, ondanks de uitdagende woorden in de routebeschrijving deze ‘killermountain’ te bestijgen dus repten we ons ijlings naar het gemaal de Breeman bij het punt waar de Koedood de Oude Maas genaakt. Daar bleek dat het spelonderdeel van de fietstocht verplaatst te zijn naar de Veerweg bij golfclub Oude Maas.

Voor de streekexperts was dit ooit de weg naar het veer van het eiland IJsselmonde naar alom bekende Goidschalxoord in de Hoekse Waard. Helaas bleek bij het spuien van deze kennis van zaken dat vooral de jongeren stond te kijken zoals koeien dat plachten te doen als er iemand traag fietsend passeert. Gelukkig hadden we voor dit belangrijke spel de jonge geestdriftige Henk in ons midden die een fenomenale tijd neerzette door met bijzondere bril op het edele hoofd via een pionnenroute heen en terug te laveren. Met een appeltje voor de dorst werd er doorgestoomd naar de Rhoonse haven om daar wederom verrast te worden door een vermetel spel. Echter eerst dien ik nog te getuigen van een verbazingwekkend gebeurtenis die zich afspeelde tussen de Carnisse Grienden en de Rhoonse Haven. Normaliter kom ik, al fietsend, van onze gemeente slechts Ds. Wilschut tegen, die dan met duizelingwekkende snelheid als een streep langs mij heen suist. Nu echter passeerden ons argeloze groepje (en wellicht is het mijn teamgenoten niet eens opgevallen) opeens twee strepen. Kerkenraadvoorzitter Joop en zijn charmante echtgenote wilden kennelijk zeer gehaast aan de aandacht ontsnappen hetgeen niet geheel lukte. Toen hij mijn uitgeputte lichaam, geplaagd door zadelpijn en een opspelende rug, zich over het pad zag voortslepen, kon hij het niet laten toch een opmerking te plaatsen waardoor mijn aandacht werd gevangen. Even heel even maar, speelde door mijn gedachten waarom deze doorgaans zeer vriendelijke man en nog vriendelijkere vrouw (het is nu eenmaal een Charloisse) zich niet voor deze 32e fietstocht had aangemeld om tezamen met een mede kerkenraadlid voor de eeuwige roem te strijden.

Er was echter geen tijd om lang stil te staan bij dit korte verdriet, er moest nog een zwaar spel gespeeld worden. Nu werden deze keer eens niet de fysieke vaardigheden getest, maar werd er een beroep gedaan op de taalkundige kennis van alle groepsdeelnemers.
Onder het olijke motto: “Nec Fasces Nec Opes Sola Artis Sceptra Perennant” gaven we alles wat in ons zat om woorden te verzinnen waarin de aangereikte letters voorkwamen. Dit leidde af en toe tot combinaties die van een dubieus allooi getuigden dat ik als eerbaar diaken die niet durf prijs te geven aan het onbarmhartige papier. Overdrijven is ook een kunst.
In elk geval kon nu de weg naar de Aanbouw, verlost van alle druk van geestelijke en lichamelijk inspannende spelletjes, worden vervolgd en triomfantelijke klokten we af op de alleszins redelijke aankomsttijd van 16.02 uur om amechtig de droge lippen aan een vloeibare consumptie te bevochtigen. Wie dacht daarmede aan het einde te zijn gekomen van een prachtige doch alles eisende dag, kwam bedrogen uit. Er was nog een opdracht die de gehele rit al de gemoederen had verhit. Een fietslied waarin de belevenissen van deze dag moesten worden beschreven, wachtte op de afwerking daarvan. Het geheime wapen ‘Ruud’, triomfator van eerdere edities, boog zich vol ijver over het reeds beschreven papier. Stuk voor stuk mochten de groepen het resultaat ten gehore brengen. Gelukkig ging het om de inhoud en niet om de ‘Voices of Holland’ en eigenlijk had het niet eens invloed op het eindresultaat van de puzzel fietstoer. Uiteindelijk werden we zelfs middenmoter in die uitslag en in alle commotie is me het groepsnummer van de overwinnaars ontschoten. Gelukkig was er nog de loterij om het gevoel van deceptie enigszins draaglijk te maken. De rijk gevulde tafel beloofde weer de nodige spanningsuitdrukkingen op de zongebrande gezichtjes. Wie wil er nu geen varkensharen tandenborstel of een heerlijke eau de cologne 4711. In elk geval bleek de verloting vrij van verdenkingen want Lenie moest het deze maal met een schaarse buit doen en de opbrengst kon deze maal in één hand in plaats van een truck met aanhanger. Uiteindelijk kwam de hoofdprijs, een chocolade fondue pan. Niet dat-ie van chocolade was, maar je kon er in gesmolten chocolade allerlei lekkernijen dopen. Uiteraard hoopte een ieder dat de prijs bij een verdiende winnaar terecht zou komen en ja hoor, ik kan een ieder gerust stellen, dat is gelukt, want mijn vrouwlief won ‘m. Dat was niet eens het enige summum van geluk, want we werden als echtpaar ook nog eens naar voren geroepen onder het mom van dat we dit jaar 40 jaar getrouwd waren. Dat is op zich geen kunst als je zelf niet kunt koken en strijken. Uiteindelijk bleek de reden te zijn dat de schrijver van al deze onzin ook nog eens bedankt werd voor al die onzin die hij reeds enige jaren aan papier en Internet toevertrouwde. Mijn vrouw en ik bedanken derhalve voor de daarbij behorende plantenbak. Voor het slot van de avond moesten we even wachten. Elke deelnemer kreeg een stevige gesloten bak gevuld met rijst, vlees en groenten. Gezien de tijdsduur helemaal rechtstreeks uit China. De afsluiter was ijs en blijer kan men mij (een groot kind) niet maken. Dan rest er nog maar een ding en het allerbelangrijkste. Namelijk dat er enkele oude getrouwen aan gevuld met ook bekende gezichten deze dag weer onvergetelijk hebben gemaakt door alle persoonlijke inspanningen die ze er aan hebben gegeven: de fietscommissie. Dames, heren voortreffelijk gedaan en van A tot Z weer prima verzorgd. Ik herhaal het maar weer, jullie verdienen een nog grotere deelname, want de thuisblijvers hebben heel wat gemist al weet ik dat niet iedereen de mogelijkheid had of in de stemming was. Ik bedoel uiteraard hen die denken dat het niet leuk is groepsgewijs een rondje Islamunda te fietsen. Dat valt zo mee joh!
Ik hoop in elk geval van harte dat deze gereden tocht voor de fietscommissie voldoende inspiratie biedt om er wederom een jaar aan vast te plakken, jullie zijn de spaken in het wiel, de ketting in de kast, de veer in de bel! Kortom zonder jullie is er geen tocht!
HW

foto's: Hugo Verwoerd en Marianne van der Maar
tekst: Harry Wols

 
















Copyright voor de hele site: internetwerkgroep Protestantse Gemeente Hoogvliet. Bij foto's staat -indien bekend- wie de maker of copyrighthouder is. Voor de inhoud van sites waarnaar verwezen wordt (door links of anderszins) kunnen wij uiteraard geen verantwoordelijkheid nemen. Mocht U op deze site materiaal aantreffen waarvan U het copyright heeft, wilt U zich dan in verbinding stellen met de webbeheerder